Letter Toolbox

ZETBOK

“ZETBOK” is een geldig woord.

14 Scrabble punten
16 Wordfeud
6 letters

Betekenis

zelfstandig naamwoord

  1. gereedschap de schuine werktafel waaraan zetters in een drukkerij plachten te werken en waarin de kasten werden opgeborgen

Woorden van < 6 letters: ZETBOK

40 woorden gevonden

Woorden van 5 letters 3

Woorden van 4 letters 8

  • zoektoestand waarin men iets probeert te vinden (alleen nog in vaste verbindingen)
  • boekeen ingebonden bundel bedrukte of beschreven vellen papier
  • boze
  • zoetsnoepgoed, voornamelijk zuigbaar
  • boet
  • bekt
  • bokt
  • koet(kraanvogelachtigen) benaming voor watervogels uit het geslacht Fulica

Woorden van 3 letters 20

  • toedicht, gesloten
  • zeteen beweging waarbij iets verplaatst wordt, een duw of stoot
  • okein orde, goed aanvaardbaar
  • bek
  • bot(straalvinnigen) bepaald soort platvis, Platichthys flesus
  • koe(evenhoevigen) (veeteelt) wijfje van het huisrund en van andere rundersoorten
  • boe(verouderd) schuur, eenvoudig gebouwtje, vooral geschikt als bergplaats
  • tok(visserij) (verouderd) ondermaatse kabeljauw (meestal in meervoudsvorm)
  • zotiemand die zich dwaas gedraagt
  • bok(dierkunde) mannelijke geit
  • bet(Jiddisch-Hebreeuws) tweede letter van het alfabet
  • kotklein, armoedig huis
  • ebt
  • tob(Sefardisch-Hebreeuws) goed
  • beo(zangvogels) bepaald soort vogel, Gracula religiosa uit de familie van de spreeuwachtigen, Sturnidae
  • eto(onderwijs) eenvoudig technisch onderwijs
  • okt(afkorting) tiende kalendermaand, oktober
  • ket(onevenhoevigen) een klein soort paard
  • ebo(onderwijs) eenvoudig beroepsonderwijs in Suriname
  • ozbeen Nederlandse belasting die door gemeenten wordt geheven van eigenaren en gebruikers van onroerende zaken, waarbij de geschatte waarde van het onroerende goed de basis is voor de hoogte van de belasting

Woorden van 2 letters 9

  • zeclitische vorm van zij; derde persoon vrouwelijk enkelvoud, onderwerp
  • tein grotere mate of hoeveelheid dan wenselijk is
  • zo(afkorting), (tijdrekening), (dag) zondag, de tweede dag van het weekeinde
  • to
  • bo(sport) Japanse vechtstok, stevige staf, ongeveer 1,8 m lang
  • eten (als onderdeel van uitdrukkingen in het Latijn)
  • ebeen getijde waarbij het water van de zee zakt, in tegenstelling tot vloed, waarbij het water stijgt
  • tb(medisch) (initiaalwoord) ziekte veroorzaakt door de zuurvaste tuberkelbacterie
  • kb