Letter Toolbox

ROERIG

“ROERIG” is een geldig woord.

10 Scrabble punten
10 Wordfeud
6 letters

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord

  1. beweeglijk, bewegelijk, druk, veelbewogen, woelig
  2. onrustig, wisselvallig

Woorden van < 6 letters: ROERIG

34 woorden gevonden

Woorden van 5 letters 4

  • regioeen geografisch, taalkundig, cultureel, demografisch en/of institutioneel gebied met een bepaald karakter, al dan niet erkend door de officiële instanties
  • groeihet groter worden
  • orgie(feest), (religie) in het oude Griekenland een extatisch feest ter ere van een godheid, met name Dionysus (meestal meervoud)
  • rigor

Woorden van 4 letters 6

  • gore
  • roervlak waarmee de besturing van een schip of een vliegtuig geregeld wordt
  • roei
  • gier(havikachtigen) benaming voor grote aasetende roofvogels met een kale kop en machtige vleugels
  • ergogevolgtrekking
  • giro(financieel), (economie), (boekhouding) betaalsysteem vergelijkbaar met een bank

Woorden van 3 letters 13

  • erghet zich bewust zijn van iets; alleen voorkomend in de vaste uitdrukking geen erg hebben in
  • ego(psychologie) gevoel van eigenwaarde
  • rio
  • oei(spreektaal) uitroep die schrik aangeeft
  • ier(demoniem) inwoner van Ierland, of iemand afkomstig uit Ierland
  • roebundel takken waarmee geslagen kan worden
  • rog(kraakbeenvissen) benaming voor brede, platte vissen met een smalle staart uit de superorde Rajomorphii
  • ore(numismatiek) een honderste deel van de Deense, Noorse en Zweedse kroon.
  • rei(verouderd) groep of kring van personen of wezens
  • gerlange smalle kamer of gang
  • oer(mineralogie) ijzerhoudende grondsoort
  • gei(scheepvaart) een lopend touw waarmee men een zeil bijeenhaalt, inkort of gordt
  • oir(juridisch) (verouderd) geheel van de personen die in rechte lijn van iemand afstammen

Woorden van 2 letters 11

  • eronbepaald bijwoord van plaats: ergens
  • ie(Noord-Nederlands) clitische vorm van de 3e persoon enkelvoud mannelijk nominatief.
  • ei(voeding) dierlijk voedingsmiddel voor de mens in een schaal
  • go(spel) Japans bordspel
  • re(muziek) een bepaalde muzieknoot tussen de do en mi
  • getweede persoon enkelvoud- en meervoud. In Nederland verouderd, maar in België in dagelijks gebruik
  • or
  • oi(Jiddisch-Hebreeuws) ach!
  • io
  • ri
  • eg(landbouw) (tuinbouw) werktuig dat gebruikt wordt voor het zaaiklaar maken van de grond door het maken van kleine geultjes