Letter Toolbox

AUTOZAAK

“AUTOZAAK” is een geldig woord.

17 Scrabble punten
18 Wordfeud
8 letters

Betekenis

zelfstandig naamwoord

  1. bedrijf dat zich bezighoudt met de in- en verkoop van auto's, vaak ook met onderhoud en reparatie

Woorden van < 8 letters: AUTOZAAK

34 woorden gevonden

Woorden van 4 letters 7

  • auto(verkeer)(techniek) voertuig met drie of meer wielen, een motor en een carrosserie
  • zaakiets stoffelijks (een ding) of een abstracte voorstelling van de geest, geen betrekking hebbend op een persoon of ander levend wezen
  • taakeen te verrichten werk
  • zoutalledaagse naam voor keukenzout bedoeld (natriumchloride)
  • zakt
  • kout(communicatie) een gezellig babbeltje
  • zouk(muziek) feestelijke, snelle, ritmische Caraïbische dansmuziek

Woorden van 3 letters 17

  • zou
  • zat(afkorting), (tijdrekening), (dag) zaterdag, de eerste dag van het weekeinde
  • zakslap omhulsel dat aan een kant een (soms afsluitbare) opening heeft om er iets in te stoppen of uit te halen
  • kat(roofdieren) bepaald soort zoogdier, Felis sylvestris catus , tot de katachtigen behorende soort die tam is geworden
  • kut(vulgair) (anatomie) vrouwelijk schaamdeel
  • kousituatie met lage temperatuur; de afwezigheid van warmte
  • outuit
  • tak(beschrijvende plantkunde) een deel van een boom of struik dat aan de stam vastzit en waaraan bladeren groeien
  • tao
  • tok(visserij) (verouderd) ondermaatse kabeljauw (meestal in meervoudsvorm)
  • zotiemand die zich dwaas gedraagt
  • tukeen korte periode van slaap
  • kotklein, armoedig huis
  • aak(plantkunde) bepaalde soort esdoorn, in het overgrote deel van de gevallen Spaanse aak
  • ata
  • aatdat wat men als voedsel kan gebruiken
  • okt(afkorting) tiende kalendermaand, oktober

Woorden van 2 letters 10

  • zo(afkorting), (tijdrekening), (dag) zondag, de tweede dag van het weekeinde
  • to
  • at(informatica), een apenstaartje in een e-mailadres (@).
  • auuitroep van pijn
  • aa
  • ka(pejoratief) vrouw die krachtig voor haar opvatting uitkomt
  • tu
  • uk(familie) peuter, klein kind
  • ku
  • ut(verouderd) (muziek) eerste toon van de toonladder